Na de Franse tijd tot heden

Na de Franse tijd tot heden

1815 de kaart van D.L. de la Rochette

Deze kaart geeft het meest complete overzicht van de Hoge Linie en de overige verdedigingswerken van de stad. Een aantal hiervan zijn weer kort na de Franse tijd verdwenen maar zelfs in deze tijd zijn er met behulp van speciale kaarten nog diverse sporen van te vinden zoals we later zullen zien.

Gekleurde versie kaart 1815

In 1800 is de stad niet groter geworden dan in 1700 en alleen in de Franse tijd worden er nog een paar aanpassingen gedaan aan de Hoge Linie. Er zijn Batterijen aangelegd achter de inspringende hoeken, vrijstaande hogere werken die 1807 zijn toegevoegd. Deze batterijen zijn weer hoger dan de hoofdwal van Menno van Coehoorn zodat er met het geschut overheen kan worden geschoten. Vandaag zijn deze nog steeds goed te zien en zijn ze in betere staat dan de eerder aangelegd wallen door Menno van Coehoorn.

Behalve de batterijen zien we op de kaart ook nog een aantal andere toevoegingen als:

  • Het “tete de pont” dit is een zwaar bruggenhoofd aan de andere kant van de IJssel ter bescherming van de schipbrug.
  • Iets te noorden hiervan zien we een kleine schans ter hoogte van de Hoge Linie.
  • Ook rond de Schipbrug aan de Doesburgse kant zijn een aantal kleine schansen te vinden.
  • Aan de zuidkant de prachtige hoornwerken Royaal en de Vryheid.

Op de oude kadastrale kaart van 1832 zijn de sporen van het bruggenhoofd en een aantal schansen nog duidelijk zichtbaar. De geomorfologische kaart van 2012 geeft zelfs nog een duidelijk beeld van het genoemde bruggenhoofd.

Mocht er binnen een bepaalde afstand van een vesting worden gebouwd?
Kringenwet: Reeds is de 18e eeuw is vastgelegd tot op welke afstand van een fort of vesting mocht worden gebouwd. Tevens is bepaald wat er wel en niet gebouwd mocht worden afhankelijk van de afstand in hout of steen. Houten gebouwen konden in tijden van oorlog immers snel worden afgebroken of in brand worden geschoten. De z.g.n. verboden kringen zijn in de loop van de tijd telkens gewijzigd i.v.m. de ontwikkeling van het geschut, en dus de schootsafstand.

1792: Besluit van de Staten van Holland waarin bepaald dat binnen een afstand van circa 230 meter, gemeten vanaf de helling van de buitengracht, niet gebouwd mocht worden.

1810:  werd een Franse wet ook voor Nederland van toepassing, hier was het bouwen in een straal van 500 meter van het vestingwerk aan strenge regels gebonden.

1814: werd de Kringenwet van kracht die alle bouwwerken en beplanting tot zo’n 700 meter van het vestingwerk aan regels onderwierp.

1853: Afhankelijk van het strategisch belang waren alle Nederlandse vestingwerken onder de Kringenwet van 1853 verdeeld in drie klassen.

Kleine kring: tot 300m alleen houten bouwwerken van brandbare materialen als hout en riet. Hier was voor het bouwen toestemming nodig van de Minister van Oorlog. Verder waren er regels voor het aanbrengen van beplanting.
Middelbare kring: 300 tot 600m geen toestemming nodig van de Minister en was het toegestaan te bouwen met fundering, schoorsteen en dakbedekking en steen als bouwmateriaal te gebruiken.
Grote kring: 600 tot 1000m kon men wel huizen bouwen maar was het verboden om zonder toestemming van de Minister van Oorlog infrastructurele werken aan te leggen of te veranderen.

Aanvraag voor het planten van bomen binnen de Kleine kring van Doesburg:
Doesburg bomen binnen de Kleine Kring: Een voorbeeld van een aanvraag om bomen te planten binnen de kleine kring net buiten de vesting langs de Drempterdijk. Aan beide zijden van de weg zijn een aantal bomen aangegeven die met toestemming van de Majoor Eerstaanwezend –Ingenieur van het 4e Commandement geplaatst mogen worden.

kaart 1815 ter vergelijk met luchtfoto 1944 en Geomorfologische kaart uit 2012 met nog zichtbare relicten.

Midden 19e eeuw
Op de kaart van 1867 uit de Kuyper atlas zien we een beeld van de vestingstad in het midden van de 19e eeuw. Goed te zien zijn de Franse batterijen en de beide hoornwerken. Ook zien we nog vaag een aantal lijnen met daarin de sporen van het oude bruggenhoofd. Iets ten noorden van het fort Royal lagen een drietal sluizen die in 1875 zijn afgebroken.

kaart atlas de Kuyper 1867

Schietbanen op de Hoge Linie
Sinds 1905 is er een schietbaan op de Hoge Linie waarvoor een aantal (nog bestaande) doorgravingen zijn gemaakt in de Liniewallen. Er waren diverse waarnemingsposten, kogelvangers en een schijvenloods. In 1912 is er nog een plan gemaakt om de lange karabijnbaan aan te vullen met nog 7 kortere banen maar dat is niet uitgevoerd.

Ontmanteling van de Hoge en Lage Linie?
Met de vestingwet van 1874 mochten veel steden hun vestingwerken ontmantelen en kwam het accent meer de leggen op verdedigingslinies als de Grebbelinie en de stelling van Amsterdam met zijn 42 forten rondom de hoofdstad. De vestingstatus van Doesburg is pas bij Koninklijk besluit opgeheven op 1 november 1923. Doesburg gaat onderhandelen met het Rijk om de vestinggronden aan te kopen. Op 5 mei 1932 is het dan zover en koopt de gemeente Doesburg de Hoge en Lage Linie voor een bedrag van 15.865,- gulden wat neer komt op een bedrag van ongeveer €7.000,-

De ANWB en onze pas opgerichte stichting Menno van Coehoorn (www.coehoorn.nl) maken hier bezwaar tegen omdat het hier gaat om “belangen van cultuur-historischen en aesthetische aard”

De gemeente kan op deze gronden nu geen sportterreinen en een begraafplaats aan leggen en gaat weer onderhandelen met het Rijk om de gronden weer terug te verkopen. Toen de onderhandelingen hierover tot een accoord kwamen liet het (toenmalige) Rijk op 14 oktober 1940 weten dat het niet meer wenselijk was om ze weer terug te kopen! Uiteindelijk zijn ze na protest op 4 mei 1943 toch weer teruggekocht door het Rijk.

1945 de Duitse verdediging van Doesburg:
De stad Doesburg is van 2 april tot 15 april 1945 belegerd geweest door de Canadezen. Deze kwamen vanuit het oosten en zuiden en trokken verder langs de IJssel en lieten Doesburg links liggen met alle gevolgen van dien voor de inwoners van de stad. 5 april is Angerlo bevrijd, dat ligt net iets zuidelijk van Doesburg. Vanuit Laag-Keppel trokken de Canadezen om Doesburg heen richting Rha en de IJssel om uiteindelijk bij Gorsel de IJssel over te steken tussen 7 en 10 april 1945. Arnhem is bevrijd op 12 april en het kleine Doesburg is dan nog steeds bezet en belegerd en ligt onder vuur van de Canadese tanks. Vanaf dat ik hier woonde en actief was voor Menno van Coehoorn heb ik mij altijd afgevraagd waarom zo’n lange en heftige belegering en hoe hebben de Duitsers gebruik gemaakt van het oude verdedigingswerk van Menno van Coehoorn?

(zie pagina 1945 Duitse verdediging en Beleg)

Op vele plaatsen in de Achterhoek gingen Nederlanders onder Duitse dwang aan de gang met het graven van deze versterkingen. Tussen Drempt en de IJssel kwam een stelsel van loopgraven en een lange tankgracht te liggen. De Hoge linie kreeg over de hele lengte een loopgraven stelsel met aan weerszijden mangaten en geschut/mortierstelling.

Zoals we op de kaart hebben gezien waren de Linies doorsneden met loopgraven en andere gegraven verdedigingswerken. Pas in de periode 1948-1949 zijn de Linies met advies van de stichting Menno van Coehoorn weer hersteld en is er een door de Duitsers afgegraven deel weer gereconstrueerd.

1949 de Hoge Linie na restauratie